'Voordat je wegloopt, luister even naar wat ik te zeggen heb.' Ik sla mijn armen stijf over elkaar en blijf naast hem staan. Ik hoor envoel mijn versnelde ademhaling. Afwachtend kijk ik hem aan.'Ik heb een voorstel. Een mogelijke oplossing voor jouw probleem.'Niet de reactie die ik in eerste instantie had verwacht. Nieuwsgierigga ik maar weer zitten.'Als ik niet spannend genoeg ben voor jou, dan moet je dat misschienmaar bij iemand anders gaan zoeken.'Mijn hart slaat over. Wat zegt hij nu? Ik frons mijn wenkbrauwen enkijk hem vol ongeloof aan.