In dit boek laat Hans Schneider de lezer kennismaken met het soms vreemde, dan weer verbazingwekkend vertrouwde, maar altijd fascinerende universum van de oude Egyptenaren. De literatuur van Egypte kent vele genres: niet alleen de bekende mythologische vertellingen, maar ook geschiedenissen over politiek, oorlogen en vorsten, ministers en generaals. Er zijn memoires, biografieën, theologische en didactische verhandelingen, er zijn liefdesgedichten en andere poëzie, talloze brieven, en ook funeraire teksten, waarin de dood en het hiernamaals worden besproken.
Egyptoloog Hans Schneider werkte ruim zes jaar aan het schrijven van dit boek en aan de vertaling van de teksten die hij erin opnam, waaronder de wijze raadgevingen van de farao's aan hun opvolgers, en de alleroudste fictieteksten in de wereldliteratuur - de voorlopers van de roman. Uit alle verhalen blijkt dat de oude Egyptenaren dezelfde vragen kenden als de moderne mens: wat is de zin van het leven en onze plaats in het universum? Doen wij wel het juiste? Hoe moeten wij ons gedragen ten opzichte van anderen? Ze schreven over recht en gerechtigheid, goed en kwaad, respect en trouw, liefde en troost. In dit rijkgeïllustreerde boek komen de oude Egyptenaren dichterbij dan ooit.